Mountainbike trektocht

Dagboek van de trektocht ‘Grand Raid du Soleil 2004’.
Tekst en foto’s: John Dekkers ( na drie flessen rode wijn !)

28 augustus 2004: Voor de 5e keer bij Jos en Karin.

Onze reis begint zoals gewoonlijk op vrijdag. Samen met Daniel en Cor op weg naar de Franse Alpen. Onderweg overnachten we in de buurt van Grenoble in zo’n goedkoop snelweghotelletje à la Formule 1. In het dichtbij gelegen grillrestaurant loopt ons etentje uit op een uitbundig wijnfeestje. De Mont Ventoux wijn die we hier voorgeschoteld krijgen is perfect en smaakt telkens naar meer!
Zaterdagochtend, met een katertje in onze kop, zetten we de reis voort. Vanaf nu allerlei binnenwegen door het hooggebergte. Onderweg drinken we nog koffie in Les Deux Alpes waar je in hartje zomer mensen in skikleding ziet lopen! (skiën op de gletsjer).
Net na de middag rijden we voor de 5e keer Champcella binnen, het kleine bergdorpje in de buurt van Guillestre en Briançon. Het is net of we nooit weggeweest zijn, we beginnen er bekend te geraken. Het weer is in ieder geval weer fantastisch, strak blauwe lucht en aangename temperatuur!
Zoals gebruikelijk ontvangt Jos ons weer hartelijk in zijn mooie La Bergerie. De andere bikers zijn ook allemaal al gearriveerd. De ‘ploeg’ is dit jaar groot, het zijn: Eric (directeur bij Stork), Ed uit Amsterdam (autoverkoper), Ron (Amsterdamse trambestuurder), Haijo en Karel uit Drente, Marcel & Juul (fietsenmaker & vrouw) en natuurlijk de ‘Mannen van Gastel’: Christ, Jac, Stefan, Coen en Martin.
Met laatstgenoemden heb ik al menig ritje door de Westbrabantse bossen gecrost (met m’n tong op de grond!!), dus voor mij geen onbekenden. Ook Gerrit is weer van de partij, natuurlijk als gids.
’s Avonds trakteert Karin ons, zoals gebruikelijk, weer op een fantastisch avondeten. Wat een keukenprinses is dat toch! In de bar geeft Jos nog een korte briefing over wat ons komende week allemaal te wachten staat, uiteraard onder het genot van een glaasje wijn. Het belooft weer een mooie week te worden, het is in ieder geval al gezellig in de bar! Toch maar bijtijds naar bed voor voldoende rust, zeker na gisteravond!

29 augustus 2004 : 1e etappe Champcella-Savines le Lac.

Vandaag de eerste etappe. Wat gaat het worden? Ik heb in ieder geval weer een beetje onwennig geslapen. De zenuwen voor wat komen gaat????
Zoals gebruikelijk bij elke etappe, laat Jos aan de hand van de kaart zien waar de route ons heen gaat brengen. Het wordt een opwarmertje voor vandaag, zegt Jos! Deze etappe voert ons langs de uitlopers van het Massif des Ecrins naar het Lac de Serre-Poncon bij Embrun.
Champcella ligt hoog, dus eerst lekker afdalen richting het dal waar de Durance als een slang doorheen kronkelt. Over de keien en kiezels langs de Durance rijden we naar de ‘Olifantsrots’, een stuk kalksteen.
Langs de Durance worden we even opgeschrikt door een aantal wilde paarden. Eentje stormt pardoes ons pelotonnetje binnen en het is even kalmte bewaren zodat het paard geen gekke dingen gaat doen.
Ontdaan van deze viervoeter vervolgen we onze weg richting St. Clement sur Durance, waar ons eerste echte klimmetje begint. Het kaf wordt gelijk van het koren gescheiden en de beste klimmers muizen er tussenuit. Ik heb last van de warmte en de hoogte (altijd even wennen) en rijdt samen met Stefan omhoog. De beentjes weten gelijk weer wat klimmen is!!! De klim loopt verder geleidelijk omhoog en ik begin in het ritme te komen. Coen is in zijn enthousiasme omhoog gespeerd en heeft de afslag gemist. Gelukkig komt hij na enige tijd toch weer terug.
We dalen weer af (ligt mij over het algemeen beter dan klimmen), steken een bergbeek over (Christ met natte voetjes!) en lunchen in Chateauroux Les Alpes bij de Bar-tabac op het terras (wat is fietsen toch zwaar!).
De volgende klim dient zich aan. Stiekem en gluiperig gaat de weg (een klein asfaltweggetje) omhoog. In het begin zit ik lekker met Ed, met z’n splinternieuwe Giant, te kletsen, maar na een aantal kilometers moet ik hem laten gaan. De betere klimmers zijn al niet meer te zien (Coen, Martin, Daniel, Cor, Christ, Ed, Jac). Onderweg op mijn ‘lijdensweg’ op deze asfaltklim (brrr. asfalt……. dat bolt toch niet, wie heeft dat uitgevonden!!!!!) haalt Gerrit mij bij en gezamenlijk rijden we naar het begin van het bos waar we op elkaar wachten. De klim gaat nu nog verder in het bos over onverharde paden. Ik ben blij als we boven zijn, want de beentjes zijn leeg! De afdaling is weer mooi, deels over mooie single-tracks in het bos, deels over brede paden waar de snelheid weer flink oploopt! Ook lekke banden natuurlijk! Gelukkig blijf ik gespaard.
In no time staan we aan het Lac de Serre-Poncon. We steken de het meer over via de brug en onze eerste overnachtingsplek is gehaald, de jeugdherberg in Savines Le Lac. Gelukkig, want we zijn op tijd, want het zonnige weer is voorbij en het onweer barst los.
’s Avonds eten we in de plaatselijke pizzeria. Een flinke pot spaghetti vult de reserves weer aan. Ook het wijntje ontbreekt niet natuurlijk.

30 augustus 2004 : 2e etappe Savines le Lac-Les Orres.

Lekker geslapen in de jeugdherberg, nou ja lekker…gelukkig had ik m’n oordopjes in!! Samen met alle Brabanders op 1 kamer, wat een herrie!
Gelukkig weer fietsen vandaag. Jos vertelt dat het vandaag de simpelste dag wordt. Een niet echt moeilijke etappe dus. Vanuit het vertrek gaat het meteen bergop. Amai, slecht voor de koude spieren! We fietsen over een asfaltweggetje, dat gelukkig in een onverhard pad overgaat naar het Forêt de Boscodon. De snelle klimmers zijn alweer vooruit en ik rijd lekker in m’n eigen tempootje omhoog (tussen de kopgroep en de ‘bus’). Bij de splitsing van de paden hebben we een enorm mooi uitzicht over het Lac de Serre-Ponçon. Via mooie brede paden rijden we naar het klooster van Boscodon. Ook rijden we door een gehuchtje waar de tijd heeft stilgestaan. Aan de geur te merken is het agrarisch! Een enorm steil pad volgt, een aantal van ons komt niet fietsend boven. Gelukkig heb ik van Christ geleerd hoe je steile hellingen moet nemen en voor mij is het geen probleem. Ook Juul rijdt naar boven, klasse! Op het volgende pad krioelt het van de keien. Halverwege het klimmetje kan ik mijn stuur niet meer rechthouden en verdwaal in de bosjes langs de kant van de weg. Coen komt lachend voorbij om vervolgens zelf op z’n snuit te gaan!! Dus…wie het laatst lacht, lacht het best!!
Bij de gite van Boscodon is onze koffiepauze. Onder de parasols nuttigen we onze koffie, tevens het moment om wat te eten, want dat moet je de hele dag bijhouden om elke rit tot een goed einde te brengen.
Na de lekkere pauze weer op pad over golvende bergwegen. Ik rijd lange tijd samen met Stefan en Eric omhoog. Even later gaat het te langzaam, waardoor ik bij ze wegrijd. Het klimmen gaat al beter!!
De middagpauze is een picknick tussen de koeien. Martin heeft al snel vriendjes gemaakt!
We zijn al bijna in Les Orres. In het bos staan al allerlei lelijke skihotels en de skiliften liggen er verlaten bij. Gelukkig komt er een leuke afdaling over singletracks. Lekker technisch. Ook dit gaat me steeds beter af, want ik heb er plezier in. Halverwege wacht ik bij een splitsing op de laatste van de groep om daarna een klein inhaalrace te kunnen doen. Effe kicken!!
Aangekomen bij de gite in Les Orres kunnen we weer uitblussen van de mooie dag op het terras onder het genot van een colaatje. De dag wordt weer afgesloten met lekker eten en een glaasje wijn, met natuurlijk de nodige humor.

31 augustus 2004 : 3e etappe Les Orres-St. Ours.

De koninginnerit! Col de Parpaillon (2645m) staat vandaag op het programma. Een zware kluif dus, wetende dat we na de Parpaillon nog twee kleinere beklimmingen krijgen. Aan hoogtemeters zullen we vandaag genoeg hebben. Gerrit brengt vandaag de jeep met onze bagage naar Crevoux, het dorpje halverwege de Parpaillon. De jeep gaat vandaag dienen als bezemwagen. Dit betekent dat we deze etappe over voornamelijk brede paden zullen afleggen.
De start is vandaag meteen weer bergop, met stevige stijgingspercentages!! De beentjes krijgen weer op hun donder! Na de steile klimmetjes (deels over losliggende keien) volgen brede golvende bospaden (met uitzichten op het Lac de Serre Ponçon) richting Crevoux. Inmiddels is Gerrit met de jeep de weg kwijt in het dal en Jos gaat op zoek naar hem. Wij rijden met de gehele groep naar Crevoux om daar onze koffiepauze in te lassen. Na ca. 3 kwartier zijn Jos en Gerrit nog altijd niet gearriveerd. We proberen Jos nog te bellen (hij heeft aan het begin van de tochten een mooi briefje met zijn nr. gegeven), maar hij heeft zijn telefoon niet aanstaan. Dan helpt zo’n papiertje niet! We besluiten dan maar de Parpaillon op te rijden. Het is een ‘simpel’ breed pad naar de top, verkeerd rijden kan niet (zegt Jos) dus …op naar de top!! (vanuit Crevoux nog 12km). In alle pogingen om nog contact op te nemen met Jos vertrek ik ca. 10 minuten later uit het dorp. Gelukkig ken ik de klim (heb hem al eerder gedaan in 2001) en ga op een gedegen tempootje omhoog, samen met Daniel. Er komen nog meer klimmen vandaag dus niet tot het uiterste gaan!
Onderweg halen we Stefan, Jac, Juul, Marcel, Ron, Haijo en Karel in. Christ, onze huisfotograaf, passeren we ook regelmatig. Het landschap is indrukwekkend, maar wat blijft die klim toch lang! Waar is het tunneltje???? Halverwege komt Jos met de jeep voorbij. Aanpikken lukt net niet!!
Na toch wel 2 uur klimmen komen we bij de tunnel die de top vormt. De zwaarste col van Frankrijk is bedwongen! Jos verrast ons met thee en lekkere koeken. We maken er een lange pauze van en genieten van het immense landschap.
Vergeleken met drie jaar geleden is het rijden door de tunnel (ca. 500m lang) nu een eitje. De weg is opgeknapt, geen kuilen en gaten meer, maar nog altijd geen licht (een donker hol dus). Gelukkig rijdt Jos met zijn jeep achter ons met zijn mooie schijnwerpers, die hij af en toe even uit doet om ons even de schrik op het lijf te jagen.
De afdaling, richting Le Condamine, is fenomenaal, 30km. In duizelingwekkende vaart ga ik omlaag. Ik knal over stenen en keien en verwonder me dat m’n banden niet klappen. Bij de tussenstop bij Cabane de Parpaillon, een kleine berghut, wordt de schade opgemaakt van de afdaling…..veel lekke banden dus. Ik wordt gelukkig gespaard. We dalen verder via St Anne naar Le Condamine in het dal. In een zucht is de afdaling voorbij! Jammer..wat leuk is gaat snel. Na een paar kilometer door het dal (met veel forten in de omgeving) gaat het snel weer omhoog richting Fort de Roche (ca 4-5km). Het is wederom een breed, maar moeilijk pad. Ook de warmte is hier goed merkbaar. In deze klim zit ik m’n sas en kan alsmaar versnellen. Wat een goed gevoel is dat toch. Eric en Karel proberen vergeefs mijn wiel te houden, maar helaas!! Natuurlijk rijden de snelle klimmers al voor me en net voor de top wordt ik aangemoedigd door Coen die al boven is. Een korte maar snelle afdaling brengt ons naar Meyronnes, een plaatsje op weg richting de col de Larche. We ruiken Italië, de plaatsnaamborden zijn tweetalig!! Een kort en venijnig klimmetje brengt ons naar ons eindstation St. Ours. Het is een moeilijk pad met grote keien. Zoeken naar het juiste spoor is het devies. Wederom heb ik goede benen en kan zelfs Cor voorblijven in deze klim (misschien een te technische klim voor hem?). Jac moet op deze klim de inspanningen van de dag bekopen en krijgt een ferme hongerklop! Ook dit kan iedereen overkomen.
In St. Ours strijken we voldaan neer op het terras van wederom een mooie gite. Het bier vloeit rijkelijk!

01 september 2004 : 4e etappe St.Ours-St.Paul sur Ubaye.

Na een gezellige avond en goed eten, staan we ’s ochtends weer fris klaar voor het vertrek. Wederom een koninginnerit, volgens Jos. En nu echt een koninginnerit!! Alles wat met mountainbiken te maken heeft, komt aan bod. Het belooft een mooie dag te worden, Jos kennende.
Meteen vanuit het vertrek weer bergop!. Het begint te wennen! Het doel is vandaag de Tête de Viraysse op 2765m. Veel hoogtemeters dus. We duiken direct een magnifiek berglandschap in, maar onze concentratie richt zich op het bergpad. Het is bezaaid met keien. De bochten zijn verschrikkelijk moeilijk te berijden. Op zowat m’n allerkleinste verzet murw ik me elke bocht door. Het is fantastisch!
De klim is verschrikkelijk zwaar en na een uur of twee bereik ik het eerste fort wat nog een paar honderd meter onder de top ligt. Hier wordt een korte pauze ingelast want de groep is flink uit elkaar gereden. De pauze is ook wel nodig want ik heb aardig (en ik niet alleen) in m’n reserves moeten tasten!
Op de top van de Tête de Viraysse staat ook een fort dat alleen bereikbaar is over een smal single track met enorm veel haarspeldbochten. Niet aan te raden als je last van hoogtevrees hebt! (en dat heb ik). Maar allee, vol goede moed naar boven. Het eerste stuk is griezelig met veel leisteenachtige stenen, waarover je ‘lekker’ kan schuiven. Jac en Cor besluiten om niet naar boven te gaan, zij durven het niet aan.
Toch wordt het pad makkelijker en ik probeer er een kunst van te maken om alle bochtjes (op het kleinste verzet!) te rijden. Helaas lukt dat niet overal, maar dat geldt voor iedereen. Het is een machtig gezicht, nietige bikers in een immens landschap die de berg ‘opkruipen’. Van m’n hoogtevrees heb ik geen last, dit pad is te leuk en het is constant genieten van je medebikers en het landschap.
Bovenop het fort worden we beloond met een schitterend uitzicht. We zitten op een boogscheut van Italie. Als beloning lassen we weer een pauze in die we wel verdiend hebben.
Na de pauze dalen we weer af naar het andere fort waar Cor en Jac op ons wachten. De afdaling over het singletrack is gevaarlijk en Jos vraagt ons om zeer voorzichtig te doen. Op zijn aanwijzingen moeten we enkele bochtjes te voet. Na het lager gelegen fort gaat de tocht verder over wederom mooie singletracks naar de Col de Vallonet (2515m). Dit is mountainbiken!!! Over keien, stukjes lopen, stukjes trial rijden etc. Christ en Stefan zitten in Jos z’n wiel. Grappig! Jos loopt en vader en zoon blijven fietsen. Technische klasse in de familie! Plotseling wordt ons pad gekruist door een gems die de berg af komt stuiven. Die kan heel wat steilere hellingen aan dan wij!
Op de col de Vallonet houden we wederom een korte pauze (veel eten namelijk!! En genieten van de rust). We dalen verder af over wandelpaden naar het dorpje Fouillouse. Er zitten nog een aantal technische stukken in. Ook marmotten zijn talrijk aanwezig! Het laatste stukje naar Fouillouse gaat over brede paden en met stofwolken achter me raas ik het dorp binnen. Het enige terrasje in het dorpje (uitgestorven) valt ten prooi aan onze groep. Na een heerlijk colaatje gaan we weer verder richting St. Paul. De boomgrens is inmiddels weer bereikt en een laatste zeer technisch singletrack brengt ons naar het dal. Op enkele plaatsen in deze afdaling zijn we verplicht af te stappen. Vorig jaar heeft Jos hier veel valpartijen gekend, dus nu uiterst voorzichtig! Verstandig houd ik me aan Jos z’n adviezen want op dit soort paden ben ik nog niet helemaal 100% stuurvaardig. Ik stap dan ook een aantal keer ongelukkig af!! Zelfs één keer presteer ik het om m’n fiets 180 graden te draaien! Coen zit in m’n wiel en vraagt zich af waar ik allemaal mee bezig ben!
Gelukkig komt iedereen uiteindelijk zonder kleerscheuren beneden en in een zucht zijn we in St. Paul waar Ron ons opwacht. Hij heeft vanwege zijn zadelpijn vandaag een rondje over de weg gedaan.
Tot nu toe de mooiste dag van de week, wel de kortste. We hebben ca. 26km afgelegd vandaag in een tijd van ca zes uur!

02 september 2004 : 5e etappe St.Paul sur Ubaye-Refuge Basse Rua.

Vannacht lekker geslapen in ons hotelletje in St. Paul. Het was een leuk hotel met een typisch dorps karakter en natuurlijk lekker eten!.
Col de Vars staat vandaag op het programma. Deze berg is menigmaal beklommen in de Tour de France. Wij doen hem gelukkig niet over de weg, maar door het bos.
In tegenstelling tot andere dagen hoeven we niet direct te klimmen vanuit het vertrek. St. Paul ligt langs de verharde klim van Col de Vars. Om het onverharde traject op te pakken dalen we eerst een gedeelte over de weg tot voorbij de tunnels richting La Condamine. Gelukkig heb ik een windvest en armstukken want het is frisjes in de afdaling. De eerste kilometers bergop zijn moordend. Het is moeilijk om in een ritme te komen. De klim loopt niet. De windvest en de armstukken zijn allang weer uit, want ik zweet me al te pletter.
Iets verder begint de klim lekker te lopen. Halverwege stuurt Jos ons een singletrack op. Het allerkleinste verzet is nodig!! Veel van ons moeten al vrij snel te voet. Ik probeer zo lang mogelijk te fietsen maar met m’n hart zowat door m’n keel kloppend, moet ik ook een tweetal keer m’n voet aan de grond zetten. Hijgend kom ik bij het einde van het singletrack. Even bijkomen!!
Over brede paden gaat de klim verder met uiteindelijk nog een kleine kilometer over de weg naar de top van de col. Bij het restaurantje lassen we ons dagelijks terrasbezoek in.
We dalen de col vervolgens weer af over de weg. Bij Refuge Napoleon (ca 2km onder de top) duiken we weer het veld in. Een mooi glooiend pad (lekker op en af) brengt ons langs de skipistes van Vars-Les Claux in de richting van onze volgende col, Col de La Scie. We rijden over voornamelijk brede paden bergop en dan weer bergaf. De uitzichten zijn mooi. In de verte kun je zelfs Champcella en Guillestre weer zien liggen. We zijn op de terugweg!
Col de La Scie wordt er ook weer één om nooit te vergeten. Over een smal wandelpad gaat het omhoog, deels fietsend, deels lopend (en voor veel man alleen lopen!!). Voor me zie ik Christ weer allerlei technische kunstjes uithalen en hij fiets bijna alles. Dit geeft mij weer moed en ik zet me ook weer op de fiets om vervolgens weer 50m te fietsen. Balancerend aan bomen langs het pad probeer ik me weer op te trekken, maar ik heb teveel last van Cor en Karel die voor me uit lopen. Op deze manier kronkelen we langzaam omhoog. De gemiddelde snelheid van de dag zal weer niet hoog zijn! Maar toch hoort dit soort klimmen ook bij mountainbiken.
Boven op de col is niet veel ruimte, het is een bergkam waar je op komt en meteen weer af moet. Christ en Ed hangen de held uit en kruipen nog op een grote steen boven ons. Wel leuk voor de foto, maar niet voor mensen met hoogtevrees. De uitzichten zijn wederom fenomenaal. Het dal waar we overnachten is alweer in zicht. De laatste afdaling van de dag komt eraan, en wat voor één! Het is er één van het allertechnischste soort. Enorme dieptes en een zeer smal pad met veel haarspeldbochten , boomwortels en keien.
In deze afdaling zit ik niet in m’n sas. Teveel last van m’n hoogtevrees, denk ik. Ik heb geen vertrouwen in mezelf en zet meerdere malen een voet aan de grond. Zelfs Cor zit op een gegeven moment in m’n wiel en dat is toch ook geen superdaler!
Heelhuids komt iedereen beneden en Refuge Basse Rua (onze slaapplaats) is weer bereikt. Ik ben op bekend terrein. Twee jaar geleden hebben we hier ook overnacht in deze knusse berghut op ca. 1800m.
We zijn behoorlijk vroeg binnen vandaag, dus kunnen de fietsen ook weer een beetje opgeknapt worden. Bijna iedereen is dan ook wel aan het sleutelen, poetsen, banden vervangen, banden plakken, remblokken vervangen etc. Je kunt hier ook niet veel anders want we zitten midden in de bergen. Ook dit heeft z’n charme.

03 september 2004: 6e etappe Refuge Basse Rua-Champcella.

Brrrrr, het is koud ’s morgens bij Basse Rua. Redelijk geslapen in de kleine stapelbedjes! Zelfs Ron heb ik niet gehoord vannacht (schijnt een enorme snurker te zijn!). Wat zijn oordopjes toch een uitvinding!!
Zoals gewoonlijk wuift de eigenaar van Basse Rua ons weer uitbundig uit. We moeten met z’n allen op één lijn gaan staan. Met zijn luchthoorn bepaalt hij het startsein. We mogen vertrekken.
We gaan direct in dalende richting door het bos en langs grote keien. Het is ijskoud! Een klimmetje is op dit moment zo gek nog niet. We dalen verder over het smalle kronkelende asfaltweggetje het dal van Basse Rua uit zodat we op de noordklim van Col de Vars uitkomen (weg Guillestre-Vars).
Zoals gewoonlijk heeft Jos aan het begin van de tocht de route uitgelegd en het is exact dezelfde route zoals ik twee jaar geleden al gereden heb, dus voor mij bekend terrein. Ik weet dus wat er komen gaat (!!) en besluit dus erg rustig te doen op de asfaltklim (heb ik sowieso een hekel aan) naar skioord Vars-Les Claux. Hier zullen we onze koffiepauze inlassen bij de plaatselijke bakker met lekkere broodjes!!
Vars-Les Claux is op dit moment compleet uitgestorven op enkele bouwvakkers en de bakker na. Zelfs de kabelbaan naar de pistes (voor skiërs en downhillers) is gesloten. Je kan merken dat de zomervakantie voorbij is. Twee jaar geleden zijn we met deze kabelbaan omhoog gegaan zodat de klim naar Col des Saluces (2444m) gehalveerd werd. Dus…..moeten we nu de gehele onverharde klim doen. Bergop begin ik mijn beentjes al wel te voelen, de inspanningen van de week beginnen door te wegen!
In de klim kom ik al snel alleen te zitten. De snelle mannen muizen er weer tussenuit en de ‘bus’ zit een stuk achter me. Het 1e stuk van de klim is zwaar. Steil, grote keien maar wel brede paden. Af en toe moet ik een voetje aan de grond zetten, uit balans (vermoeidheid?). Halverwege bij het eindstation van de kabelbaan wachten we op iedereen zodat we gezamenlijk weer aan het laatste stuk kunnen beginnen.
Gelukkig ken ik de klim en kan ik hem perfect inschatten. De enorm achter elkaar opvolgende steile stukken vreten energie. Zelfs Christ kan het allersteilste stuk niet bovenkomen (Jos beloofde nog wel een rondje van de zaak uit voor degene die rijdend boven kwam!). Hij is dus ook maar een mens (haha).
Boven op de Col des Saluces staat een koude wind. Ik kom met de eersten boven en zie de rest van de groep ‘ploeteren’ op de steile stukken. Tijd om even wat te eten en een beschutte plek op te zoeken.
Na de col dalen we via de Col de Valbelle naar de Belvedere de l’Homme de Pierre op 2361m.
Onderweg wagen de ‘echte mannen’ zich nog aan een enorm steile skihelling. Cor, Christ en Ed rijden hem fietsend omhoog. Chapeau! Ik vind dat ik al genoeg genoten heb deze week, dus voor mij hoeft het niet zo, ik kijk wel. Toch knap van Cor, want vroeger zou hem dit nooit gelukt zijn.
Op de Belvedere de l’Homme Pierre’ (bij de televisiemast) lassen we onze lunchpauze in. Het uitzicht is wederom mooi met achter ons het Lac de Serre-Ponçon en voor ons het skidorp Risoul en in het dal Guillestre. Ook is de pauze het moment om alle remblokken na te kijken, bij te stellen of te vervangen, want vanaf nu is het alleen nog maar afdalen richting Guillestre en het dal van de Durance.
In de bergweiden volgen we een smal singletrack dat al flink uitgesleten is. Bijna ga ik op m’n snufferd, maar ik weet goed te corrigeren. Vervolgens duiken we tussen de bomen en het pad wordt technischer en technischer. Over keien en boomwortels duiken we naar beneden. Gedurende kilometers rijden we over een heuse bergkam met links en rechts enorme dieptes. Concentreren en recht vooruit blijven rijden is het motto evenals op tijd afstappen bij onzekerheden. Het pad ligt er beter bij dan 2 jaar geleden, toen was het na veel regen een enorme glijpartij! Dit jaar gaat het me ook beter af. Via haarspeldbochten (met de Durance in de diepte kronkelend door het dal) komen we uiteindelijk op een breed bospad.
Jos waarschuwt ons voor de steile afdaling die komen gaat. En inderdaad, dit is steil. Ik zie Coen de bosjes invliegen en zelf heb ik alle moeite om overeind te blijven. Even een moment dat de zwaartekracht bijna overwint. Heelhuids kom ik beneden en gelukkig iedereen van ons. We hebben het weer overleefd, het dal is bereikt! Wat een afdaling was dit, onbeschrijflijk mooi.
Bij de meertjes langs de Durance pikken we ons laatste terras van deze week. Wat ons nog rest is de asfaltklim naar Champcella. Deze heb ik inmiddels al wel 10x gereden dus ik haal nog een keer alles uit de kast. De snelle mannen kan ik echter wederom niet volgen, maar ik rijd nog een goed ritme voor mijn gevoel.
Bij het indraaien van Champcella (nog een verrekt steil stukske) zet onze huisfotograaf Christ ons nog op de foto. We hebben het weer gehaald!!
’s Avonds wordt de week weer gezellig afgesloten in Jos z’n bar en kunnen we terugkijken op weer een fantastische week. Voor mij was dit de mooiste trektocht tot nu toe. Voor herhaling vatbaar.

Tot volgend jaar!

terug naar pagina reisverslagen